Tussen 1999 en 2010 was ik drijfdeskundige – zo mocht ik me van mezelf noemen sinds het jeugdprogramma Klokhuis mij (tussen de shoots door klappertandend in een duikerspak) in 2005 die naam gaf. Ik heb een drijftheorie uitgewerkt die draait om wat drijvende bouwwerken uniek maakt: de verplaatsbaarheid ervan. Een flink deel van de Nederlandse wateren is bereikbaar door sluizen van 7 meter breed. Dat is een mooie breedte voor vrijdrijvende woningen. Daarom vind ik de beste manier om de potentie van drijvend bouwen het volst te benutten (nog altijd) om het Nederlandse woonboten- en woonarkenbestand te verbeteren en uit te breiden.